Snelzoeken

Vind snel gegevens voor

in gewas


Zoeken
 

Meloidogyne chitwoodi in gladiool

Maïswortelknobbelaaltjes vermeerderen goed op gladiool, maar veroorzaken geen directe schade. Het maïswortelknobbelaaltje behoort tot de quarantaine organismen. Bij aantreffen van een aantasting moet dit aan de Bloembollenkeuringsdienst gemeld worden. Er gelden handelsbeperkingen voor besmette partijen. Dit veroorzaakt voor de teler economische schade.
Aantasting komt voornamelijk voor in de cultivar Hunting Song. Symptomen van een aantasting zijn vooral zichtbaar op de wortels, als knobbels of verdikkingen. De aaltjes kunnen ook in de knolbodem aanwezig zijn. Symptomen op de knollen zijn vrijwel niet zichtbaar.

Bestrijdingsadvies

  • Geef kralen een warmwaterbehandeling van 30 minuten bij 53° Celsius.
  • Pitten moeten worden vernietigd.
  • Leverbaar mag na een warmwaterbehandeling van 2 uur bij 43,5° Celsius alleen voor de binnenlandse droogverkoop verhandeld worden.
  • De aaltjes komen voornamelijk in de wortels voor. Goed pellen vermindert de besmetting.
  • Er is geen goede bestrijding van het aaltje in de grond bekend. De natuurlijke afsterving tijdens braak is echter hoog. Opslag van gladiolen houdt de besmetting in stand en moet daarom bestreden worden.
 

 

De wortels zijn sterker vertakt en in aangetaste wortels zijn knobbels zichtbaar.

Symptomen in de knollen ontstaan alleen bij een warme bewaring (20°C). Aan de zijkant en op de knolbasis kunnen onder deze omstandigheden uitstulpingen ontstaan.

Gevaarlijk aspect van Meloidogyne chitwoodi en M. fallax is dat ze overgaan in plant- en pootgoed. Met name gladiolen en pootaardappelen zijn daarbij potentiële besmettingsbronnen. De EU heeft beide soorten daarom tot quarantaineorganismen uitgeroepen. Dit betekent dat vermeerderingsmateriaal vrij moet zijn van symptomen.

Opslag van gladiool gedurende enkele volgteelten houdt de besmetting in stand.